Over mijn blog

Welkom op mijn weblog!

Hier schrijf ik over mijn bezigheden, als onderwijskundige op het gebied van ICT in het academisch onderwijs. Tot eind 2009 was ik werkzaam voor de TU Delft, sinds 2010 ben ik werkzaam als Educational Technologist aan de Universiteit van Tilburg. Ik post hier regelmatig mijn 'gedachtekronkels' op het gebied van onderwijs. Schroom niet om een reactie te plaatsen op mijn weblog.


"Tell me and I forget, show me and I remember, involve me and I understand."

Disclaimer

De meningen ge-uit door medewerkers en studenten van de TU Delft en de commentaren die zijn gegeven reflecteren niet perse de mening(en) van de TU Delft. De TU Delft is dan ook niet verantwoordelijk voor de inhoud van hetgeen op de TU Delft weblogs zichtbaar is. Wel vindt de TU Delft het belangrijk - en ook waarde toevoegend - dat medewerkers en studenten op deze, door de TU Delft gefaciliteerde, omgeving hun mening kunnen geven.

Posted in December 2006

Portfolio als portal (PLE)?

Ik vraag me af hoe je een portfolio aantrekkelijk kunt maken voor studenten. Naast een hoeveelheid tekst, biedt het portfolio ook de mogelijkheid voor multimedia. Ik ben voorstander van multimedia in portfolio’s. Ik denk dat dit zeker de nodige creativiteit bij de studenten oproept. Daarnaast kan video/audio materiaal een zeer rijke bron van informatie/bewijsmateriaal vormen voor het aantonen van competenties. (Pabo studenten nemen bijvoorbeeld lessen op, om te laten zien hoe ze in de praktijk te werk gaan.)

Maar hoe zit het met social software? Aangezien ik me bezig houd met o.a. portfolio’s en social software in het (hoger) onderwijs, zat ik zojuist te denken aan een combinatie van beide toepassingen. Je kunt verwijzingen (links) opnemen naar een wiki en weblog. Je kunt een vodcast of podcast opnemen (wat ook weer vormen van multimedia zijn).

Misschien kunnen we nog een stapje verder gaan: Een portfolio als portal, in de zin van een PLE (personal learning environment). Het portfolio biedt dan de toegang tot allerlei materiaal van de student, waar het ook staat; in de DLO, eigen pc of sites zoals Flickr, YouTube etc. (De huidige netgeneration maakt hier al veel gebruik van.)

Dit zijn slechts een paar ‘gedachtekronkels’ van een onderwijskundige. Maar wel iets om over na te denken. Ik ben benieuwd hoe anderen hier over denken.

Achterstand op onderwijs innovatie?

De volgende uitspraak, is een uitspraak van Raymond Cross, president van Morrisville State College, die ik vond in een bericht over mobile devices in het onderwijs op Edusite (http://www.edusite.nl/edusite/nieuws/17017):

“Het moeilijkste is om universiteiten te bewegen om met nieuwe technologie en apparaten aan de slag te gaan. De academische wereld is vaak terughoudend als het op innovatie aankomt”

Vooral uit de laatste zin blijkt maar weer dat wij academici de denkers zijn en niet zo zeer doeners. Ik ben van mening dat het tijd is voor een omslagpunt in dit academisch denken op het gebied van innovaties in het onderwijs. Soms heb ik het idee dat er teveel gedacht wordt. In de korte periode die ik werkzaam ben in het academische onderwijs, heb ik zoveel leuke (maar vooral ook nuttige) ideeën langs zien komen. Er wordt veel nagedacht over onderwijsinnovatie, maar zo weinig bruikbare projecten worden gestart.

Continue reading

Creating Games for E-learning

Woensdag 29 november begonnen we met een workshop: Creating Games for E-learning, door Nathan Kracklauer, Enspire Learning, US.
“Content: In this workshop, participants will prototype a learning game. There has been a lot of talk about using games for learning and with good reason. Games are fun because they involve learning and learning is intrinsically fun. The trouble is, education and training frequently do not involve true learning. And most training organisations do not have the expertise necessary to develop playable games that actually teach something.

Continue reading

EduExchange 2006

Donderdag 7 december ben ik naar EduExchange 2006 geweest. Het hoofdthema was: Een leven lang leren met ICT. De nadruk lag hierbij vooral op standaarden. Met behulp van standaarden (welke informatie, op welke manier gedeeld wordt) zijn we beter in staat om met elkaar te communiceren en informatie met elkaar uit te wisselen (zoals digitale content). Uit de praktijk is gebleken dat zonder bepaalde standaarden, heel wat informatie (of content) niet bereikbaar en/of compatibel is. Dat standaarden belangrijk zijn voor de verdere ontwikkeling van ICT toepassingen in het onderwijs is mij wel duidelijk. Er moeten dus gezamelijke afspraken komen, willen we ICT doeltreffender in kunnen zetten (en gebruiken, onderling uitwisselen etc.) in ons onderwijs.

Voor de opening zou Minister van OCW, Maria van der Hoeven komen. Maar haar verdriet om het verloren Tweede Kamer voorzitterschap, was haar blijkbaar toch te veel geworden: zij had zich dus afgemeld. Gelukkig wist de dagvoorzitter Paul Bemelen dit goed op te vangen. Hij hield een duidelijk verhaal over de opkomst en groei van ICT in het onderwijs en het belang van standaarden hierbij. Erg leuk waren de leerlingen uit Eindhoven (en omgeving)die door Paul Bemelen werden geïnterviewd. Leuk om ICT toepassingen eens van de andere (gebruikers) kant te bekijken.

Continue reading

Welk portfoliosysteem op de TU Delft?

Na de upgrade van Blackboard naar versie 6.3 (21 juli ’06), heeft de TU Delft nu de mogelijkheid tot het gebruik van het digitale portfoliosysteem binnen het Blackboard Content System (BbCS).
Een korte omschrijving van dit systeem is overgenomen uit het project OP3.1: E-portfolio’s van E-merge1:
In Blackboard plaatsen studenten gegevens in het ‘Contentsystem’. Deze gegevens kunnen door middel van een koppeling in portfolio’s worden opgenomen. Voor de inrichting van het portfolio heeft Blackboard standaard sjablonen (‘templates’). Een instelling kan daar sjablonen aan toevoegen. Met een sjabloon wordt een portfolio volgens een opgelegde structuur aangemaakt. De student kan naar behoefte informatie toevoegen of verwijderen. Er is een wizard voor het maken van een portfolio aanwezig. Het CMS en het portfolio zijn in Blackboard geïntegreerd, zodat studenten gemakkelijk kunnen switchen van een cursus in Blackboard naar een portfolio van studenten.
Uit het project OP3.1: E-portfolio’s van E-merge2, bleek BbCS de beste keuze: BbCS was het meest gebruikersvriendelijk enstudenten en docenten leerden er makkelijk mee omgaan. Omdat veel instellingen al Blackboard als elektronische leeromgeving gebruiken kan het BbCS bovendien snel in het onderwijsproces geïntegreerd worden. Tenslotte is Blackboard een stabiele partner voor systemen die zo belangrijk gaan worden. Al deze voordelen vergemakkelijken de implementatie van een E-portfolio. Nadeel is de steeds grotere afhankelijkheid van de Blackboard Corporation.


1 Corte, M., Brakels, J., Ingenluyff, E., Lange, M. de, Monasso, R., Vaessen, H., Waterval, D., Snijders, J. & Tolboom, J. (2005). Eindrapportage E-merge/Apollo project OP 3.1 E-portfolio.
2 Zie ook Nieuwsbrief E-merge, juni 2006: Blackboard is het uitverkoren E-portfolio (http://www.e-merge.nu).

E-portfolio?

Een E-portfolio (digitaal portfolio) is een instrument dat de unieke ontwikkeling van een student of het resultaat van die ontwikkeling zichtbaar maakt. In het E-portfolio kan de student naast persoonlijke gegevens zoals een Curriculum Vitae of persoonlijk ontwikkelingsplan, ook bijvoorbeeld cursuswerkstukken, werk- en leerdoelen, cijferoverzichten, verslagen, onderzoeken en publicaties opnemen. In een gebruikersvriendelijke omgeving kan de student zijn gegevens verzamelen en delen met anderen. Zo kunnen docenten en studie-adviseurs continu op de hoogte blijven van de vorderingen van de student. Tenslotte kan de student het portfolio, na het afronden van de studie, gebruiken bij toetreding tot de arbeidsmarkt.

Binnen de TU Delft kan het portfolio op verschillende manieren worden ingezet. De meest eenvoudige manier is als showcaseportfolio waarmee een student zichzelf kan presenteren. (Wie ben ik, wat doe ik/heb ik gedaan etc.). Het ontwikkelingsportfolio (begeleidingsportfolio) haalt het maximale effect uit het gebruik van een portfolio. Hier geeft de student informatie over zijn individuele ontwikkeling. Een student kan zijn eigen leerweg tonen (wat zijn de leerdoelen, middelen en wegen om deze doelen te bereiken) en hier ook op reflecteren. Een begeleider/docent kan deze informatie gebruiken om de student te ondersteunen bij het bereiken van zijn leerdoelen (vaak uitgedrukt in competenties). Een portfolio kan ook een informatiebron zijn, waarmee beoordelaars zich een oordeel kunnen vormen over het niveau van de student (specifiek bv.: het niveau van een competentie). Dit niveau wordt door de student aangetoond door producten, impressies en evaluaties van zijn handelen in uiteenlopende situaties in het portfolio op te nemen. We spreken dan van een beoordelingsportfolio.

Online Educa Berlin 2006

Afgelopen week ben ik samen met mijn collega, Meta Keijzer, naar de Online Educa Berlin 2006 geweest. Dat waren drie dagen vol zeer interessante presentaties/demonstraties etc.

Op deze weblog zal ik het een ander plaatsen over de belevingen in Berlijn. Waarom nu pas? Tja, wij als onderwijskundigen op gebied van ICT in het onderwijs, hadden niet eerder de tijd om te bloggen. We hadden geen laptop bij ons, geen internet (slechts heel even; na lang wachten) tot onze beschikking. We waren bijna de buitenbeentjes van de beurs. Maar ik zal proberen de schade in te halen.

Ik wil dit bericht afsluiten met een mooi advies van Jay Cross, over de beste manier van leren: "Leren gaat het beste door middel van conversaties en een biertje". (Mooi om eens over na te denken, dacht ik zo.)

© 2011 TU Delft